A
B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
-
0
1
2
3
4
5
6
7
8
9
V
Term:
Beschrijving:
Verbinding georiënteerd:

1. Een verbinding moet volledig worden opgebouwd voordat de zender gegevens kan zenden naar de ontvanger, dit wil zeggen dat er niet verzonden kan worden als er geen verbinding is tussen (A) en (B);

2. Zender is geconcentreerd op de ontvanger. (Zie ook verbindingsloze relatie);

^
^
Verbinding:

1. Mogelijkheid tot verzenden en ontvangen van gegevens. Zodra er contact is tussen zender en ontvanger kun je zeggen dat er een verbinding is; De totale communicatie tussen zender en ontvanger;

^
^
Verbindingsloos:

1. Bij een verbindingsloze relatie is er geen direct contact met de ontvanger (Zie ook datagram);

2. Binnen computernetwerken hebben diverse entiteiten constant met elkaar verbinding. Een ondelinge constante verbinding is echter niet nodig om gegevens uit te zenden. Als zender (A) een datapakket wil zenden naar ontvanger (B) dan kan dit evenzo geschieden door het injecteren van de datapakket in een tijdelijke netwerk buffer, doormiddel van schakelpunten met geheugens;

3. Twee schakelmethodes die gebruik maken van een verbindingsloze relatie zijn: berichtschakelen en datagramschakelen. Andere wel verbindingsgeorienteerde schakelmethodes zijn: circuitschakelen en virtueel circuitschakelen;

^
^
Verbindingsopbouwfase:

1. Bij verbindingsgeoriënteerde schakelmethodes is er sprake van een verbindingsopbouwfase, deze fase begint op het moment waarop een zender een call request uitzend naar de ontvanger totdat er een verbinding is opgebouwd tussen zender en ontvanger, dit geheel is de verbindingsopbouwfase;

^
^
Versleutelen

1. Vercijferen of coderen van gegevens (data). Versleutelen wordt toegepast als de zender en de ontvanger niet willen dat een derde de verstuurde informatie kan lezen. Derden kunnen deze gegevens dan niet lezen.

^
^
Verwerkingssnelheid:

1. Verwerktijd die nodig is om een taak uit te voeren gemeten in seconden;

2. Benodigde tijd voor het verwerken van data over bijvoorbeeld een netwerk;

^
^
VIR

1. Voorschrift Informatie Rijksdienst.

^
^
Virtueel ciruit:

1. Een virtueel circuit is een denkbeeldig pad dat van te voren wordt vastgelegd tussen beschikbare schakelpunten in een netwerk. Ieder schakelpunt onthoud de route naar het volgend schakelpunt doormiddel van circuitnummers waarmee de route wordt vastgelegd. Hierbij is het mogelijk om een ontvangstbevesitiging naar de zender retour te zenden, zoals dat bij een vast circuitgeschakeld netwerk ook mogelijk is. Virtuele circuits zijn verbindingsgeoriënteerd vanwege het denkbeeldige pad dat vooraf vastgelegd wordt, hoewel alle schakelpunten de route niet permanent vasthouden. Datalijnen zijn en blijven beschikbaar voor ander verkeer, zodoende wordt efficiënt gebruik van het netwerk gerealiseerd;

2. Logisch kanaal;

^
^
Virtueel:

1. Denkbeeldig;

2. De term virtueel wordt veel gebruikt om aan te geven dat er een niet wezenlijk aspect wordt toegepast. Voornamelijk om gebruik te maken van de voordelen die reeds bestaande middelen bezitten, zodoende wordt er de schijn gegeven dat er daadwerkeijk een proces verloopt volgens bestaande middelen;

3. VPN, Virtual Private Network is een methode om een veilige omgeving te creëren voor het (extern) aan elkaar koppelen van, bijvoorbeeld, bedrijfsnetwerken, zo lijkt het net alsof er één groot LAN is. Hier wordt de term virtueel gebruikt om via huurlijnen of een internet een koppeling te creëren naar andere bevoegde netwerken;

^
^
Volgordenummer of opbouwnummer:

1. Een datapakket kan op verschillende manieren verzonden worden over een netwerk, één manier is die van data opsplitsen in kleinere pakketjes, zodat er minder snel opstoppingen (congesties) komen bij schakelpunten. Ieder opgesplitst pakketje krijgt een nummer mee, waarmee de ontvanger later het pakket kan monteren. Opgesplitste pakketten komen niet altijd in de juiste volgorde bij de ontvanger binnen, omdat de pakketjes over diverse schakelpunten reizen, dit vertraagt de wederopbouw van het pakket en de ontvangst bevestiging naar de zender;

2. Nummers voor de wederopbouw van de data structuur bij de ontvanger;

3. Bij schakelmethodes waarbij een pakket eerst wordt afgebroken alvorens het te verzenden, wordt ieder fragment genummerd, zodat de ontvanger het pakket weer middels deze nummers kan opbouwen;

^
^
<< vorige | vernieuwen |
Vraag of feedback:
E-mail adres:
Vraag of feedback: